U gebruikt een verouderde browser. Om die reden werkt deze site wellicht niet naar behoren.Direct naar hoofdinhoud

Resultaten voor de categorie Column

Niet had ik gedacht dat een voetbaltoernooi zonder Nederlands elftal zo spannend kon zijn. Ons was door de media wijsgemaakt (die, zoals men weet, overal de schuld van zijn) dat we hier te lande een doodsaaie zomer zouden beleven met een WK waar bijna iedereen aan meedeed behalve wij.

En wat kwam er? Een WK waarbij je je niet hoeft te ergeren noch plaatsvervangend te schamen. Waarbij wij verstoken blijven van de deskundigen die bij iedere ronde voorrekenen hoeveel punten een willekeurig ander land nog moet verspelen wil Nederland kans hebben om in het toernooi te blijven. Allemaal niet. En daarvoor in de plaats de fantastische Belgen en de weergaloze Kroaten. Bij een Franse zege leg ik me neer maar de Kroaten zijn mijn favoriet.

In de krant stond een verontwaardigd stuk over het bezuinigen op levensbeschouwelijke programma’s van de EO omdat, zo zeiden de t.v. bonzen, men in Nederland aan levensbeschouwing geen behoefte meer heeft. Hoeveel platter kan het nog worden? Voetbal op de t.v. is geen levensbeschouwing, maar bij een goede wedstrijd wordt het hart een beetje opgetild.

Van de schilder en schrijver Armando, deze week gestorven, is de term “schuldig landschap”. Armando groeide op in Amersfoort. In de oorlog was hij een kind, hij speelde in de buurt van het kamp Amersfoort en zag wel eens een glimp van gevangenen. Na 1945 moet hij zich gerealiseerd hebben wat in en rond dat kamp was gebeurd, de bossen waar hij gespeeld had: schuldig landschap.

We waren lang geleden in de buurt van Weimar in Duitsland. We volgden een bord dat naar een voormalig concentratiekamp wees, een van de vele in die streek. Bij de ingang was een gemetseld monument waarop een verdorde bloemenkrans lag. Verder niets dan een grote open plek midden in een bos en geen mens.

Het landschap kan er niets aan doen, het is de mens die er zijn herinnering aan verbindt, die er zijn stempel op drukt.

Nogal wat mensen kwamen zondagavond naar de Laurenskerk om een kaars aan te steken. In het nieuwe plantsoentje voor de kerk zaten een stuk of zes twintigers aan de voeten van Erasmus, een wietwolkje hing om hun hoofd. Of zij ook in de kerk een kaars wilden aansteken, vroegen we.

Ze stonden direct op, namen een kaars en gingen de kerk binnen. Twee bleven zitten, zij wilden weten waarom en wat we ermee bedoelden, of we hen ergens toe wilden overhalen. Ze noemden het woord niet maar ze bedoelden ´bekeren.´ Het antwoord dat er niet meer achter zat dan een uitnodiging om de kerk van binnen te zien overtuigde niet. Ze bleven waar ze waren.

Ik kon me van hun argwaan wel iets voorstellen, ook ik denk gauw: wat is hier het verdienmodel? Waarom is die kerk op zondagavond open, waarom worden mensen zo nadrukkelijk uitgenodigd?

Gastvrijheid zonder bijbedoeling wil ook geoefend worden, zowel door de aanbieder als door de ontvanger.

Zondag komen de leiders van Europa bij elkaar om over de vluchtelingen te praten. Van de uitkomst van dat gesprek hangt, zo lijkt het, af of in Duitsland de regering overeind blijft, of West en Oost Europa niet verder uit elkaar raken en of de zuidelijke landen, Italië voorop, zich iets minder in de steek gelaten voelen door de rest van Europa.

De oorzaak is eigenlijk simpel. Je kunt de wereld grofweg in tweeën delen: een deel waar de meesten in welvaart en vrijheid leven, een ander deel waar het tegendeel bestaat, waar die delen elkaar raken ontstaat de grootste spanning.

Het begint er mee dat wij in het westen ons willen realiseren dat het niet hun zaak is die wij buiten de deur kunnen houden. We komen er niet vanaf, niet door de grenzen dicht te doen noch door ze open te zetten. In Amerika stopt men ze in een gevangenis, in Europa stuurt men hun bootjes weer de zee op. Alsof we er iets aan kunnen doen door het bij ons vandaan te houden.

Het is ook nog eens ons probleem omdat het onszelf raakt: de vraag of we het beeld van onszelf, dat van de redelijke ontwikkelde mensen, in stand kunnen houden. Wat de oplossing ook is, het begint ermee dat we erkennen dat het ons probleem is en van niemand anders.

Op West Antarctica smelt per seconde 7 miljoen kilo ijs. Voor zover je je daar iets bij kunt voorstellen: een immense massa ijs die onafgebroken met donderend geraas in de oceaan stort. Of: een blauwachtige substantie die fluisterend in het oceaanwater sijpelt.

Er is zo veel ijs op Antarctica dat het nog duizend of duizenden jaren duurt voordat alles is gesmolten. Evengoed vinden wetenschappers die 7 miljoen kg per seconde onrustbarend genoeg.

Mij verwarren de massa en de omvang: zowel de zeven miljoen kilo per seconde als de duizenden jaren. Wetenschappers moeten vooral doorgaan met rekenen en meten, observeren en publiceren. Opdat mensen zich het ter harte nemen en verstandige en daarom radicale conclusies trekken. Maar de voorstelling dat een mens heel Antarctica in een rekenmodel stopt, naar de koffieautomaat loopt en bij terugkomst de uitslag op zijn laptop aantreft kan ik niet rijmen met mijn voorstelling van de nietige mens in een overweldigende omgeving.

De gedachte van de nietige mens in een overweldigende omgeving biedt geen troost. Het helpt wel tegen de hybris of tegen de verwaandheid van de mens die zich inbeeldt zijn eigen lot en ook dat van de aarde in de hand te hebben.

Stichting Platform Islamitisch Overleg Rijnmond (SPIOR) had donderdag voor een Iftar maaltijd uitgenodigd. De rabbijn was er, mensen van de gemeente, van de politie en van allerlei organisaties. Ook collega Bert en ik waren gekomen.

In een restaurant op het Charloisse Hoofd met uitzicht op de Maas werd ons alles aangeboden door de Turkse eigenaar. Er was een klein programma om de tijd voor het begin van de maaltijd te korten en een soera uit de Koran werd gereciteerd.

Om twee voor tien ging de zon onder, volgens Turks gebruik werden daar vijf minuten bij opgeteld, “om zeker te zijn dat je niet te vroeg begint,” en toen wensten we elkaar een goede maaltijd.
Er werden ervaringen over het vasten uitgewisseld: vooral de weekeinden als men bij elkaar gaat eten maken de ramadan gezellig, als je ’s ochtends voor zonsopgang te veel drinkt heb je overdag eerder dorst en de regelmatige gebedstijden geven extra waarde aan de vastentijd.

Hoe het zit met het christelijke vasten, wilde men weten. Ik vertelde dat wij in de weken voor Pasen geen wijn drinken. Mijn tafelgenoten, niet danig onder de indruk, knikten beleefd. Na afloop van de maaltijd hadden we het nog lang over Afghanistan, het land van herkomst van mijn buurman, over de politiek en over het leven als moslim in Nederland. Het was laat toen ik onder de Maas door naar huis fietste.