U gebruikt een verouderde browser. Om die reden werkt deze site wellicht niet naar behoren.Direct naar hoofdinhoud

Resultaten voor de categorie Column

In het domineesbestaan heb ik honderden gesprekken gevoerd waarin mensen over hun leven vertelden. Waarschijnlijk ben ik 95 % van die verhalen vergeten, hoewel plotseling uit het niets een flard van zo’n leven tevoorschijn kan springen, terwijl ik geen idee had dat het nog ergens was opgeslagen. Augustinus heeft diepzinnige gedachten opgeschreven over een mens die zich niet meer herinnert wat hij vergeten is.

In Duitsland vertelden oude mensen wel eens over hun herinneringen uit het voorjaar van 1945, toen het Derde Rijk instortte. Hoewel ik een paar vrouwen hoorde zeggen dat ze altijd zwegen over wat ze toen hadden meegemaakt.

Lees verder 75 jaar geleden

In de afgelopen week was ik twee dagen in Rotterdam. Op de Binnenrotte liepen een paar wandelaars, twee jongetjes sleepten met dode takken onder toezicht van een moeder, alsof ze een paasvuur aan het voorbereiden waren. Het meest viel het geluid op, of het ontbreken daarvan. Alsof ik vlak bij een explosie had gestaan en mijn oren nog dicht zaten door de klap, zo klonk het geluid van de stad: een zacht ruisen of zoemen op de achtergrond.

Op het land staan de perenbomen uitbundig in bloei. In de stal arriveerden maandag de eerste zwaluwen, vanmorgen zag ik er een tiental. Strak op tijd zijn ze. De bomen bloeien, de zwaluwen vliegen zonder op grenzen en reisverboden acht te slaan, het is van een onverstoorbaarheid die in de onzekerheid waarin wij leven troostend is.

Zo onverstoorbaar zal ook de Paasmorgen aanbreken. In welke omstandigheden wij ook zijn, hoeveel zorgen zich ook ophopen.

Een gezegend Pasen gewenst.

Gisteren waren we in een winkel om de bestelde printer op te halen. De printer is ervoor om de “home office” verder te professionaliseren. Tijdens het afrekenen nam de verkoper de telefoon op. Ik hoorde hem zeggen dat alle tondeuses waren uitverkocht en ook via de groothandel niet meer te krijgen. Mogelijk hadden die alleen nog baby-tondeuses op voorraad. Behalve de “home office” wordt ook in veel woningen de “home-barbershop” ingericht.

Naast die “home office” heb ik ook een tafel met bakjes met allerlei zaaigoed: bloemen, sla, andijvie, tomaten, aubergines en courgettes. Zaaien, verspenen, stekken en planten heb ik van mijn vader meegekregen. Er is eigenlijk geen kunst aan maar je kunt het eindeloos perfectioneren en dat maakt het leuk.

In andere jaren was ik er doorgaans twee keer in de week om te kijken hoe het zaad kiemde, een ruitje wat hoger te leggen of weg te halen, te gieten of om een bakje tegen de slakken te beschermen of tegen hongerige vogels. Nu kan ik elke dag kijken en nooit eerder is alles zo voorspoedig opgekomen. Maar volgende week kan het anders zijn.

Via de telefoon hoorde ik gisteren over iemand die met benauwdheid en koorts in het ziekenhuis was beland. Ik deed er wat luchtig over. Later op de dag hoorde ik dat de zieke naar de Intensive Care was verplaatst. Het zijn geen dagen voor relativering en luchtigheid.

Een paar dagen geleden was het mijn zoon die opmerkte dat er na zonsondergang verbazend veel sterren te zien waren. Iemand anders liet weten dat ook in de stad ’s nachts veel sterren te zien zijn. Het zal iets met de oostenwind en de heldere nachten te maken hebben of zijn we tegen wil en dank onze uitstoot van stikstof en fijnstof aan het verminderen?

Vanmorgen vroeg danste een kievietenpaartje door het weiland waar ik liep om te zien of de bodem droog genoeg was om er vee in te laten. Eergisteren lieten we de eerste paarden in de wei, sommige lieten de rituele voorjaarsbuitelingen achterwege en vielen al na twee stappen in de wei op het gras aan.

De mussen in de stal maken soms een heidens kabaal, ik verbeeld me dat ze ruzie hebben over de plek waar ze hun nesten bouwen. Ze maken voort, over anderhalve week worden de eerste zwaluwen verwacht met wie ze de stal moeten delen.

Gisteren ging het bericht rond dat in Buurmalsen, een kilometer of vijf hier vandaan, een wolf in een boomgaard gesignaleerd is. ik hoorde van iemand die was gaan kijken en de wolf had gezien. Ik ben er niet gerust op.

Binnenkort evacueren we onszelf weer terug naar de stad.

Zo’n honderd jaar geleden was Oepke Noordmans, ver familielid van onze (ex-) koster Peter, dominee in het dorp Suameer in Friesland. In de jaren tachtig was ik dominee in Suawoude, een kilometer of vijf van Suameer. Oepke Noordmans was een apart en origineel mens. Hij was, denk ik, een briljante theoloog. Hij bleef zijn leven lang dorpsdominee, terwijl hij professor had kunnen worden.

Oepke Noordmans trouwde, toen hij in Suameer stond, met een dochter van de dominee van Suawoude, die Oosterhuis heette. Dominee Oosterhuis is niet oud geworden, hij ligt in Suawoude op het kerkhof. Midden tussen de sobere grijze grafstenen staat een indrukwekkend monument, een witmarmeren zuil met een opengeslagen bijbel erop. Volgens de overlevering betaalde de gemeente dominee Oosterhuis zo slecht dat hij van de honger is doodgegaan, het dure grafmonument was ter verzoening van hun slechte geweten. Als ze het geld voor het monument tijdens zijn leven aan de dominee hadden betaald dan was hij vast niet gestorven, zegt ook de overlevering.

Mede naar aanleiding van het tragische einde van zijn schoonvader heeft Oepke Noordmans zich sterk gemaakt voor een vast traktement voor predikanten. Ik dacht deze week aan Oepke Noordmans, omdat ik in Suawoude wel eens mensen hoorde vertellen die hem nog hadden meegemaakt. Hij had een grote vrees voor besmettelijke ziekten. Als hij op ziekenbezoek ging, stootte hij met een stok de deur open en sprak door een kier de zieke toe, terwijl hij een zakdoek voor zijn gezicht hield.

Gisteren ging ik, na telefonisch te hebben gevraagd of bezoek welkom was, naar Capelle om Hans Haafkens voor zijn tweeentachtigste verjaardag een bosje bloemen te brengen. Hij vertelde dat hun dochter en twee kleinkinderen waren komen logeren. De kleindochters waren veel met hun telefoons in de weer geweest, desondanks hadden ze er zeer van genoten.

Sinds ze, vanwege de immobiliteit van Jeane, niet meer naar de kerk kunnen, is de verbinding met de gemeente minder geworden. Dat vinden ze beiden, Hans en Jeane, vervelend. Maar andere verbindingen komen daarvoor in de plaats en worden sterker, zoals met familie en kleinkinderen.

Een van de dingen die Hans Haafkens nog buitenshuis doet is de Koran lezen met een groepje in de Bergsingelkerk. Bij het afscheid hield ik, net als bij het binnenkomen, de handen langs mijn zij. De huisarts was de dag ervoor geweest. Zij had onbekommerd handen geschud. Aan mij zal het dus niet gelegen hebben.