U gebruikt een verouderde browser. Om die reden werkt deze site wellicht niet naar behoren.Direct naar hoofdinhoud

Preek

Een week geleden werd de oud advocaat en ‘fixer’ van Trump, Michael Cohen, verhoord in een commissie van het Huis van Afgevaardigden. Het was me ontgaan totdat ik er deze week in de NRC over las. Niet over het verhoor, maar over het slotwoord van de commisievoorzitter Elijah Cummings. Ik bekeek het op Youtube (acht minuten, Cummings-Cohen) en dacht: mochten m’n preken daar een beetje op lijken.

Cummings richtte zich in het slotwoord rechtstreeks tot Cohen en zei: “U kunt zich afvragen waartoe overkomt mij dit allemaal, in plaats van waarom? Opdat u de kans heeft een beter mens te worden. Wij geven u die kans (Cummings geloofde dat Cohen in de hoorzitting de waarheid sprak) omdat ook wijzelf de kans moeten grijpen om betere mensen te worden. Omdat Amerika een beter land moet worden, beter dan wat het nu is. Omdat we onze democratie intact moeten houden, het land beter achterlaten voor onze kinderen dan het nu is. “

In het slotwoord van Cummings is er eerst het aanbod van omkeer, de mogelijkheid van bekering. Niet alleen voor de leugenaar en zondaar Cohen, Cummings trekt het in een breder verband. In feite zegt hij: wij allen kunnen nu de kans grijpen en omkeren om het beter te doen. Ten tweede de belofte: het visioen van een beter Amerika. Het is niet voor ons maar voor onze kinderen. Ten derde de troost: met zijn woorden krabt Cummings als met nagels en vingers een gat en trekt hij een sluier weg waardoor waarheid onthuld wordt. Een beerput, zo is het, maar er is dus nog de mogelijkheid om het bloot te leggen, er is nog zoveel waarheid dat leugen als leugen wordt ontdekt. En wij zijn geroepen om het beter te doen.

Wat het tenslotte zo overtuigend maakt is het ontbreken van elke vorm van retoriek. Stotterend en kuchend, soms zwijgend zoekende naar woorden, zo nu en dan bijna overmand door het gewicht van de zaak sprak Cummings zijn woorden. Het woord “God” kwam er niet in voor, maar die zal uit de hemel toegekeken en ‘amen’ hebben gezegd.

Bernard van Verschuer